Nog maar te zwijgen over de keuken waar Eend en hij het
aanrechtblad ooit willen vervangen.
Een huis is een zwart gat waar tijd en energie in verdwijnt,
denkt meneer Doorzon. Hij houdt niet van klussen. Achteraf kijken naar het resultaat
kan hem enige voldoening geven, maar dan moet hij wel eerst zijn vingers hebben
gemasseerd, een paar pleisters plakken en een wandelingetje maken om zijn
hartslag weer wat te laten zakken.
Hij kijkt soms jaloers naar de overkant van de straat. Daar
heeft de Klusvader in zijn achtertuin een tent opgericht om ook bij slecht weer
zijn vrije tijd nuttig te besteden. Uren achtereen staat hij fluitend te zagen,
slijpen, hameren.
Toen ze het huis net hadden heeft meneer Doorzon drie weken
onafgebroken geklust. Hij herinnert het zich nog. Vooral de Slag om de
Stopcontacten.
De stopcontacten waren zo oud als het huis zelf. Toen de
stukadoor erbij in de buurt kwam hoorden ze een tik en maakte de stukadoor een
sprongetje.
‘Die sloot kort,’ zei de stukadoor. ‘Ik zou ‘m vervangen.’
‘Ik vind dit eng,’ zei Eend.
Omdat Meneer Doorzon het iets minder eng vond kreeg hij de
taak toebedeeld. Hij kocht stopcontacten en schakelaars. Hij ontcijferde stroomschema’s
en schreef op een papiertje welke stop in de prehistorische stoppenkast bij
welk stopcontact hoorde.
Daarna bleken de schroeven muurvast te zitten en zijn
schroevendraaier slipte weg op de uitgesleten koppen. Meneer Doorzon probeerde
het resultaat voor ogen te houden. Mooie witte stopcontacten, trotse geluiden
van Eend. Maar zijn aandacht werd opgeslokt door die schroeven, de telkens afbrokkelende
randen in de muur en draden waarvan de kleur nooit overeenkwam met het schema.
Toen hij meende klaar te zijn voor het monteren ontdekte hij
dat stopcontacten die je ín de muur plaatst anders zijn dan stopcontacten die
je erop plaatst, en dat de schroeven bij de ene een paar millimeter verder uit
elkaar zitten.
Het was maar beter dat Eend op dat moment niet binnen
gehoorsafstand was.
Sinds de stopcontacten heeft hij de stapel werk zien
groeien. Waar hij moest beginnen werd steeds onduidelijker, het resultaat steeds ongrijpbaarder.
Maar vandaag is meneer Doorzon ineens bezig. De buitenlamp
die een jaar in de kamer heeft gestaan ligt nu op het terras en meneer Doorzon
staat op een trapje gaten in de buitenmuur te boren.
‘Ik zie wel hoe ver ik vandaag kom,’ zegt hij tegen Eend.
Dat idee bevalt hem wel.
Tot zijn verrassing glijdt de boor moeiteloos in de stenen
en passen de pluggen precies in de gaten. De stroomdraad blijft al bij de
tweede poging goed zitten, en als hij de lamp vastschroeft blijkt hij de gaten
ook nog eens precies op de goede plek te hebben geboord.
‘Het ziet er prachtig uit,’ zegt Eend. ‘En zonder één vloek
of zucht.’
Meneer Doorzon kijkt verbaasd naar zijn eigen werk.
Er staat nog een keukenlamp op zijn lijstje, twee
rookmelders, een aansluiting voor de regenton. Maar daar probeert hij even niet
aan te denken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten