De bel in hun nieuwe huis doet ding-dong. Zoals vroeger bij de oma van meneer Doorzon, en
eigenlijk bevalt dat geluid hem wel.
‘Je wordt nostalgisch,’ zei Eend toen hij dat opbiechtte.
‘Ik word oud,’ zei meneer Doorzon.
De bel gaat vaak. In de grote stad belden alleen bekenden
aan, en één keer een vage figuur die een verhaal ophing over zijn telefoon die
hij kwijt was - of hij even de telefoon van meneer Doorzon mocht gebruiken.
In deze
wijk komen vooral collectanten langs, van stichtingen die nuttig werk doen
tegen ziektes waar meneer Doorzon niet te veel over wil horen.
Ding-dong betekent dus de vraag: wel of niet iets in de bus gooien? Wel of niet gegevens invoeren op die tablet van ze? Gelukkig komen ze
meestal rond etenstijd. ‘Even vragen aan het Hoofd Goede Doelen,’ zegt meneer Doorzon dan.
Eend weet vrij duidelijk wat ze wil met collectes, en wat niet.
Ding-dong. Nu
staat er een man zonder collectebus of tablet. Hij heeft een foldertje dat hij
meneer Doorzon in de hand drukt. Ze zijn in de buurt bezig, zegt hij. Vandaar
de speciale actieprijs. Dakgoten schoonmaken en een gratis inspectie.
Meneer Doorzon denkt na. De dakgoten liggen inderdaad vol
bladeren. Dat schijn je te moeten bijhouden. Hij zag laatst ook dat niet alle dakpannen
goed lagen. Beslissingen. Waar haal je in een vreemde stad betrouwbare mensen
vandaan voor al die dingen?
De man van het foldertje staat rustig te wachten. Hij ziet
er vriendelijk genoeg uit. Heel anders dan die figuur met het telefoonverhaal.
‘Waar in de buurt waren jullie al bezig?’ vraagt meneer
Doorzon.
‘Oh, allerlei adressen,’ zegt de man. ‘We doen er veel
tegelijk, zo kunnen we het goedkoop houden.’
‘Ik zal erover denken,’ zegt meneer Doorzon met een blik op
het foldertje.
‘We beginnen overmorgen op dit stuk,’ zegt de man. ‘Als u
het morgen laat weten kunt u nog meedoen.’
Later die middag: ding-dong.
Het is de bewoner van het huis schuin tegenover. Een actieve jonge vader,
meneer Doorzon ziet hem ieder weekeind met gereedschap bezig of op een ladder
staan. Niet een man die twijfelt over wat hij met zijn eigen dak moet, denkt
meneer Doorzon.
‘Ik wou je even waarschuwen,’ zegt de Klusvader. ‘Die lui die
voor de daken langskwamen, dat zijn bekende oplichters.’
‘Goed om te weten,’ zegt meneer Doorzon. ‘Wat fijn dat je
langskomt.’
‘Geen probleem,’ zegt de Klusvader. 'Je zit niet in de buurtWhatsapp-groep,
vandaar.’
Tjonge, denkt meneer Doorzon later. Een buurtWhatsapp-groep.
Hij vraagt zich af of dat hem een gerust gevoel geeft of juist niet.
Hij wilde nog vragen: weet jij iemand anders voor die dakgoten?
Maar het antwoord kan hij raden. Waarschijnlijk krijgt hij die ladder ook wel mee.
Of hij zichzelf klaar vindt om daarop te gaan staan, dat is een beslissing waar hij nog
even over moet nadenken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten