Maar dit keer gaat het om een kinderfeest op Koningsdag. Dus vergaderen Eend en hij mee.
In de huiskamer van de Voorzitster zitten zes vrouwen, plus meneer Doorzon. Meneer Doorzon probeert niet te veel te zeggen, want als hij te veel praat zonder zijn rol te kennen kijken mensen hem nog wel eens vreemd aan.
Ze vorderen goed. Eend kijkt erg tevreden met de
knutseltafel die ze toebedeeld krijgt. Meneer Doorzon heeft zijn hand
opgestoken bij de vraag wie de koffie en thee wil zetten. De inkopen kwamen dan
weer op het actielijstje van de Voorzitster. De Voorzitster heeft veel daadkracht
maar wat minder talent voor delegeren.
Dan de optocht met versierde fietsen. De spelletjes: blikgooien, grabbelton. Meneer Doorzon moet denken aan de Koninginnedag toen hij zelf als kind
meedeed. Op zijn step stond een grote, met oranje crêpepapier versierde boog,
die iedere keer als de kleine meneer Doorzon vooruit probeerde te steppen vervaarlijk
heen en weer zwaaide.
Steltlopen, doelschieten, sjoelen.
‘Potloodpoepen!’ roept meneer Doorzon ineens.
Het wordt stil. Zes paar ogen keken hem aan.
‘Eh… potloodpoepen,’ mompelt meneer Doorzon. ‘Zo’n touwtje
om je middel met een potlood eraan, en dan moet je hurken en het in een fles
laten zakken.’
De Voorzitster kijkt zuinig. ‘Ik weet niet of dat zo zal
werken.’
Jawel, denkt meneer Doorzon. Dat werkte. Dat werkte zelfs zo
goed dat een succesvol gepoept potlood het enige is dat ik me van die feesten herinner,
behalve dan die zwabberende boog op mijn step.
Maar een paar anderen hebben het idee opgepakt. Ken ik van
vroeger… Leuk… Foto’s van maken… Wij gebruikten spijkers… En misschien dat
touwtje aan een riem zodat je niet steeds hoeft te knopen… Ik heb nog wel een oude
riem… Ik heb een gaatjestang… Wie begeleidt het?
Een paar dagen later krijgt meneer Doorzon een paar grote bouten
en drie riemen met extra gaatjes erin. Hij hoeft alleen nog maar touwtjes op
maat te knippen. Dat vindt hij best.
Op de dag zelf staan vijftig kinderen klaar. Twee jongetjes
met een trompet en een klarinet lopen voor de stoet uit en spelen Piet Hein, zijn naam is klein. Een van
de fietsen heeft een grote oranje boog.
Eend zit aan de knutseltafel en helpt bij het versieren van
papieren kronen en vlaggetjes. Meneer Doorzon zet koffie, haalt water en snijdt
cake. Later rolt hij pannenkoeken met suiker voor een gestaag groeiende
kinderschare.
‘Jij komt zeker gewoon even gedag zeggen,’ zegt hij tegen
een jongetje dat verlekkerd naar de stapel kijkt. ‘Of over het weer praten?
Nee? Oh, je wou een pannenkoek?’ Het jongetje glundert.
Een ander roept gretig: ‘Pannenkoek!’
‘Gaan we schelden?’ lacht meneer Doorzon.
En hij rolt er nog
één, terwijl verderop de laatste kinderen hurkend hun spijker in een fles
proberen te poepen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten