vrijdag 15 september 2017

Wesp

Wat fijn, denkt meneer Doorzon.

Hij zit in de tuin van het nieuwe huis. Het is meer een betegelde binnenplaats, tussen twee schuttingen en de klimop van de buurvrouw. Maar zo’n buitenruimte waar je zo in kunt stappen maakt hem blij. Weg uit het bovenhuis in de grote stad. Nooit meer met een volle kop koffie wankelend langs een trappetje naar een balkon waar je alleen op muren uitkijkt.

Hij kijkt om zich heen. Eend, zijn vrouw, zit naast hem te lezen. Meneer Doorzon kijkt hoe ze de pagina’s omslaat met haar slanke vingers. Hij vindt haar vingers mooi. Hij vindt alles aan Eend mooi. Behalve misschien haar voeten, maar dat komt niet door de voeten van Eend, maar omdat meneer Doorzon niet zo van voeten in het algemeen houdt.

In een boom in de tuin van de buren zingt een merel. Vlinders vliegen bij de klimop rond. Heerlijk.

Een vinnig gezoem doet hem opschrikken. Een wesp zoemt rond zijn hoofd. Voor hij het weet staat hij naast zijn stoel.

‘Wat ben je aan het dansen,’ zegt Eend.                                  
‘Een wesp,’ zegt meneer Doorzon. Er zit een hikje in zijn stem.
‘Gewoon niet te veel op reageren,’ zegt Eend.
‘Dat zeggen ze altijd,’ zegt meneer Doorzon boos. ‘Je ziet toch hoe dat beest precies op mij afkomt. Ik ruik toch niet naar limonade? Ik heb alleen deodorant op.’

Eend leest rustig door.

‘Ze zoeken je op. Ze gaan altijd precies daar zitten waar je per ongeluk je arm op ze legt.’

Eend slaat nog een bladzijde om.

‘Wespen zijn … boosaardig,’ zegt meneer Doorzon. Vroeger zou hij het woord evil gebruikt hebben, maar vlotte Engelse uitdrukkingen vindt hij ergens niet meer zo bij zichzelf passen.

Hij loopt naar binnen. ‘Waar heeft die vliegenmepper zich verstopt?’
‘In de meterkast,’ roept Eend.

In de meterkast, je houdt het niet voor mogelijk. Met de vliegenmepper in de hand houdt meneer Doorzon de wacht bij het tafeltje. De wesp zoemt rond, landt op de halflege koffiebeker van meneer Doorzon. Meneer Doorzon heft de vliegenmepper en de wesp begint weer rond te cirkelen.

‘Verdorie,’ zegt meneer Doorzon.
Hij wacht tot de wesp weer boven het tafeltje vliegt.

PATS. Mis. PATS. 
Eend weet nog net de koffiebeker vast te grijpen.

De wesp ligt ineengedoken op de tegels. Meneer Doorzon deelt nog een paar klappen uit. Dan tilt hij het karkas met de vliegenmepper op en loopt naar de afvalemmer in de keuken. Hij neuriet zacht, de treurmars van Chopin.

‘Zo,’ zegt Eend als hij weer zit. ‘Heb je je wraak gehad?’
‘Gerechtigheid,’ zegt meneer Doorzon.

Eend grinnikt. Ze weet wel beter.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Knal

Als meneer Doorzon op een van de laatste dagen van het jaar op zijn fiets door de stad rijdt, hoort hij ineens een oorverdovende knal achter...